Filmrecensie: Batman & Robin

  • Verenigde Staten, 1997
  • Regie: Joel Schumacher
  • Met: Arnold Schwarzenegger, George Clooney, Chris O’Donnel, Uma Thurman, Alicia Silverstone, Michael Gough
  • Scenario: Akiva Goldsman, Christopher McQuarrie
  • Camera: Stephen Goldblatt
  • Geluid: Petur Hliddal
  • Montage: Dennis Virkler
  • Art directie: Barbara Ling
  • Muziek: Elliot Goldenthal
  • kleur, 130 minuten
  • Gezien: 15 juli 1997, Sneak Preview, Camera Utrecht

Of ik een film nu prachtig of vreselijk vind, hoogst zelden heb ik het gevoel dat ik in de bioscoop mijn tijd zit te verdoen. Maar bij Batman & Robin, de vierde uit de Batman-reeks, overviel me het verlangen naar huis. Waar kwam dit vandaan?

Batman & Robin is een product van absolute ongeinteresseerdheid. Of het nu de regie, het script, het spel of de decors zijn, het is allemaal een rommeltje. De makers weten dat ze aan een film bezig zijn die zichzelf wel verkoopt en dus hun zakken zal vullen. Buiten deze financiële overwegingen lijkt er geen enkele reden te zijn waarom deze film gemaakt moest worden. Waarom zou ik er dan naar moeten kijken?

Deel drie uit de reeks, Batman forever, ook geregisseerd door Joel Schumacher, was al geen hoogtepunt. Maar er viel nog voldoende te genieten, bijvoorbeeld van de vileine Tommy Lee Jones en de doorgedraaide James Carrey. In superheldenfilms zijn het juist de schurken die de sjeu moeten brengen. In Batman & Robin krijgen we te maken met Arnold Schwarzennegger. Hij speelt de gedeprimeerde wetenschapper Mr. Freeze die zijn doodzieke vrouw heeft ingevroren om op zoek te gaan naar een geneeswijze. Helaas is hij uitgegleden bij het bassin vloeibare stikstof, waardoor hij alleen maar in leven kan blijven bij temperaturen onder het vriespunt. Omdat hij geen ondersteuning krijgt bij zijn medische onderzoeken besluit hij heel Gotham City te bevriezen. Je ziet het aan en denkt “Ach jochie toch.” Niet echt een reactie die een schurk dient op te roepen.

Kompaan in het kwaad is Poison Ivy (Uma Thurman), strijdster voor de plantenwereld. Om die te laten overleven wil ze de dierenwereld, inclusief de mensheid, verdelgen. Ze weet alle mannen te betoveren met haar parfum, om ze dan om te brengen met haar giftige lippen. Er is een klein probleempje: Thurman heeft de erotische uitstraling van een dovenetel, en daardoor zijn al haar pogingen de rol met overtuiging neer te zetten bij voorbaat gedoemd te mislukken.

Zijn de schurken nogal slap, de helden krijgen al helemaal niet de gelegenheid iets van de film te maken. Batman (George Clooney) en Robin (Chris O’Donnell) zoeken de grenzen van hun wederzijds vertrouwen en moeten daarbij sentimentele teksten uitslaan die geen enkele acteur behoorlijk uit de mond zou krijgen. Als de butler Alfred (vaste kracht Michael Gough) ook nog stervend blijkt te zijn kunnen de tenen helemaal gekromd worden. Enig lichtpunt is de verschijning van het nichtje van Alfred (Alicia Silverstone). Zij brengt de energie die de andere rollen zo missen. Maar waarom hier een Britse rol met een vet Amerikaans accent gespeeld wordt blijft een raadsel.

Maar vooruit, Batman-films draaien niet om script of spel, maar vormgeving en actie. Helaas, Gotham heeft zijn intrigerende, duistere naargeestigheid verloren. Het is niet meer de hoofdstad van camp, maar van kitsch. Wie deze kleurenbagger bij elkaar verzonnen heeft mag wat mij betreft terug naar de houtskoolklas. En dan te bedenken dat regisseur Schumacher ooit als vormgever begonnen is.

Met de actiescenes is het al even droevig gesteld. Door gebrek aan opbouw en rommelige choreografie en montage zijn ze al even morsig geworden als de rest van de film. Een fietstochtje door de stad zorgt voor meer adrenaline.

Toen ik na de film weer buiten stond realiseerde ik dat ik me in ruim twee uur welgeteld tien seconden geamuseerd had. Het wordt tijd om Batman en Robin te laten spelen met hun batmobiles op te sluiten met hun Battoys en iets nieuws te bedenken.

  • Cijfer (0-10): 2

Leave a Reply