Vormt juist onze angst het gevaar?

In coronatijd wordt er uitgebreid beroep gedaan op ons gezond verstand. Afstand houden, handen wassen, laten testen. Maar werkt ons gezond verstand wel voldoende?

Toen het gevaar groot was, deden we collectief en instinctief het goede. Binnenblijven. Was dat rationeel gedrag? Of lieten we ons leiden door de angst?

Nu zouden we onverstandig worden, omdat we het gevaar te weinig onderkennen. Klopt dat wel?

Volgens mij worden we nog steeds geregeerd door angst. Alleen is die nu onbestemder dan een paar maanden geleden. Toen stonden we oog in oog met het monster, nu denken we het te horen in de verte.

In tijden van latent gevaar hebben we twee reacties. Allereerst gaan we ervan uit dat het gevaar van buiten komt, van de vreemdeling, van de indringer. Daarom zoeken we veiligheid in eigen vertrouwde kring. Bovendien overschreeuwen we de angst. “Ik ben niet bang voor de boze wolf, ben niet bang, ben niet bang …”

Dat is precies wat we nu doen. Vertrouwde mensen opzoeken waar we ons veilig voelen. Op feestjes, in de kroeg. En heel hard samen zingen. Juist wat we niet zouden moeten doen.

We vertonen geen riskant gedrag doordat we het gevaar niet zien. Het is juist onze onbestemde angst die het gevaar oplevert.

De vraag is dan ook of we nu juist het dreigend gevaar moeten schetsen, of de uitweg moeten laten zien.

Geef een reactie