Traditie (2)

Traditie is een richtingenstrijd.

Veelal wordt gedacht dat de traditie dingen doorgeeft aan het nageslacht.

Het is echter het nageslacht dat inspiratie haalt uit het verleden. En dan spreekt over ‘joods-christelijke traditie’ of ‘traditie van tolerantie’ of welke zelf-gecreëerde en geëtiketteerde traditie dan ook.

Omdat ieder nageslacht zich een andere traditie kan bouwen, zijn tradities van nature instabiel.

Is dit waar Het Bureau van Voskuil over gaat?

Traditie (1)

“Nederland staat in een joods-christelijke traditie” hoor je veel. Een christelijke traditie, daar is iets voor te zeggen. Maar een joodse traditie? Een groot deel van de Nederlandse geschiedenis werden joden aan de rand van de samenleving gehouden, ook door de krachten van het anti-semitisme. Joodse invloeden in de Nederlandse cultuur beperken zich grotendeels tot wat jiddische woorden. Natuurlijk zijn er joodse individuen die een belangrijke rol in de Nederlandse cultuur hebben gespeeld. Maar dan wel op persoonlijke titel en veelal vanuit een geassimileerde positie.

Of wordt er bedoeld dat het christendom weer joodse wortels heeft? Dat is zo, maar dan is er net zo goed te spreken over Aramese, Griekse en Romeinse traditie.

Volgens mij is er wat anders aan de hand. De samentrekking ‘joods-christelijke traditie’ wordt veelal gebruikt in een tegenwicht aan islamitische krachten. Een puur verwerpen van een andere bevolkingsgroep vanwege haar afkomst en religie roept in Nederland al snel herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog op en de jodenvervolging in het bijzonder. Door gebruik te maken van de term ‘joods-christelijke traditie’ wordt dat verwijt onschadelijk gemaakt.

Filmrecensie: Bedrooms & hallways

  • Verenigd Koninkrijk / Frankrijk / Duitsland, 1998
  • Regie: Rose Troche
  • Met: Kevin McKidd, Hugo Weaving, James Purefoy, Tom Hollander, Christopher Fulford en Julie Graham
  • Scenario: Robert Farrat
  • Camera: Ashley Rowe
  • Montage: Christopher Blunden
  • Art directie: Richard Bridgland
  • Muziek: Alfredo D. Troche en Ian MacPherson
  • Rank colour, Dolby, 96 minuten
  • Gezien: 2 november 1999, Sneak preview, Camera, Utrecht

Het is telkens weer vermakelijk: een sneak preview waarin het publiek geconfronteerd wordt met zoenende mannen. Nederlanders mogen zich er dan op voorstaan dat ze een tolerant volk vormen, velen kunnen hun afschuw over zoveel vunzigheid niet voor zich houden. Het geeft aan dat een homofilm maar moeilijk als een gewone film te zien en te beoordelen is. De reacties worden al snel in negatieve of positieve richting versterkt. Daarmee zeggen ze meer over de houding van de kijker ten opzichte van homoseksualiteit dan over de film.

Het in Londen spelende Bedrooms & hallways van Rose Troche (Go fish) is een film die dit soort reacties oproept, maar nader beschouwd is het een degelijk in elkaar gezette komedie over relaties, seks en new age. Toegegeven, hij is iets gewaagder dan we gewoonlijk te zien krijgen, maar echt opzienbarend is hij niet. Daarvoor worden de spanningen te weinig uitgewerkt en blijven de karakters te oppervlakkig.

De film draait om Leo (Kevin McKidd) die op zijn dertigste verjaardag de gebeurtenissen die tot zijn huidige situatie hebben geleid overdenkt. Een paar maanden eerder heeft hij zich, ten einde raad omdat hij geen vriend kon krijgen, aangesloten bij een esoterische mannenpraatgroep. Daar is zijn oog gevallen op Brendan (James Purefoy), die op het punt stond zijn vriendin te verlaten. In de tussentijd legde Leo’s kinky huisgenoot Darren (Tom Hollander) het aan met de ogenschijnlijk saaie makelaar Jeremy (Hugo Weaver), die de te verkopen huizen vooral uitzoekt op de mogelijkheid er een liefdesnest in te bouwen.

Het is vooral deze laatste verhaallijn die de meeste lachsalvo’s oproept. Het zwaar aangezette nichterige spel van Hollander en de strakke kop van Weaver zorgen voor een contrast die iedere scene tussen de twee komisch maakt. Veel minder sterk zijn de grappen over new age. Het script is al vijf jaar oud en dat maakt de tijdsgebonden grappen wat oubollig.

Hoe grappig de film ook is, er wringt iets. Er ligt een te scherpe scheiding tussen de verhaallijnen die tot lachen moeten aanzetten en de gebeurtenissen die we serieus zouden moeten nemen. De humor wordt hiermee een intermezzo in plaats van een middel om het verhaal te vertellen. En daarmee is de kans gemist om een echte goede komedie te maken, waarbij iedere grap je iets dichter bij de kern brengt. Nu is er sprake van twee parallelle films, waarbij de komedie het dik wint van de vertelling.

Bedrooms & hallways lijkt uitzonderlijk, omdat hij niet uitsluitend over hetero’s gaat. In feite is het een doorsnee romantische komedie (maar wel een behoorlijk leuke). Bijzonder wordt hij pas als er bezoekers naast je zitten, die niet weten waar ze naartoe gegaan zijn.

  • Cijfer (0-10): 7

Filmrecensie: Beshkempir

  • Kirgizië, 1998
  • Regie: Aktan Abdikalikov
  • Met: Mirlan Abdikalikov
  • Scenario: Aktan Abdikalikov, Avtandil Adikulov en Marat Sarulu
  • Camera: Khasan Kidiralikjev
  • Montage: Tilek Mambetova
  • Art directie: Emil Tilelov
  • Muziek: Nurlan Nishanov
  • zwart/wit en kleur, Dolby SR, 81 minuten
  • Gezien: 16 september 1999, ‘t Hoogt, Utrecht

Je gaat in de bioscoop zitten en plots ben je in een land waar je nog net de naam van kent maar niet veel meer van weet. Het is een van de genoegens van Beshkempir van Aktan Abdikalikov, de eerste onafhankelijke film uit Kirgizië die in het Westen te zien is. Hij biedt een reis in prachtig zwart-wit met een mooie menging van exotica en herkenbaarheid.

Herkenbaarheid, omdat ook in de voormalige Sovjetrepubliek in Centraal-Azië kinderen die anders zijn een tijdbom met zich meedragen. Ze kunnen tijdenlang er helemaal bijhoren, maar ooit zal het tegen ze gebruikt worden. Omdat iemand om een hele andere reden een appeltje met ze te schillen heeft. De ware reden zal de agressor nooit de steun van de groep opleveren, maar met de ‘afwijking’ van het slachtoffer lukt dat wel.

Dit is een van de thema’s in Beshkempir. In een dorp tussen de bergen is het gewoonte om ouders die geen kinderen kunnen krijgen een baby ter adoptie aan te bieden. De jongen Beshkempir is zo’n kind. Hij hoort er nooit helemaal bij, maar pas als hij voor vondeling wordt uitgescholden dringt de waarheid tot hem door. Abdikalikov vertelt dit gedeeltelijk autobiografische verhaal op een manier die nergens sentimenteel wordt.

Maar het zou de film onrecht doen hem tot dit simpele gegeven te reduceren. Want tegelijkertijd is Beshkempir een in prachtige beelden gevangen portret van een dorpsgemeenschap. Vrouwen scheiden het kaf van het koren in de wind, zonen jagen in de rivier vissen in de netten van hun vaders, jongens boetseren een levensgrote naakte vrouw uit klei. En dat alles in een zwart-wit (met hier en daar wat kleur) om bij te watertanden.

De hoofdrol wordt gespeeld door de zoon van de regisseur, de meeste andere rollen door dorpsbewoners. Ze geven de film een fraaie naturelle sfeer. Alleen het meisje waar Beshkempir verliefd op is valt uit de toon met haar coquette gedrag.

Beshkempir is van een haast achteloze schoonheid. Als in Iraanse films is ieder spektakel afwezig en kun je alleen maar achterover leunen om je ogen uit te kijken.

  • Cijfer (0-10): 9