Bezocht: Vergeet me niet

Poster tentoonstelling Vergeet me niet in het Rijksmuseum

Vooraf had ik mijn twijfels over de tentoonstelling Vergeet me niet in het Amsterdamse Rijksmuseum. Meer dan 100 renaissanceportretten, was dat niet te veel van het goede? Het bleek niet het geval: de diversiteit en de kwaliteit van de werken zorgden ervoor dat het negen zalen lang boeiend bleef de geportretteerden in de ogen te kijken.

Daarbij bleek de titel, Vergeet me niet, me op het verkeerde been gezet te hebben. Slechts een deel van de portretten hadden als doel om de geportretteerde in de tijd voort te laten leven. Misschien is die behoefte nu, in een grotendeels ongelovige tijd, zonder uitzicht op een hiernamaals, groter dan in de vijftiende en zestiende eeuw.

Belangrijker dan het overwinnen van de tijd lijkt het overwinnen van de afstand. In een tijd dat bewegend beeld en audio aan plaats gebonden waren, was het portret vaak het enige middel om iemand elders zichtbaar te maken.

Dat is handig als je op afstand een huwelijk wil arrangeren. Of voor heersers om te laten zien dat ze de baas zijn. Zo kunnen ze op meerdere plaatsen tegelijk zijn en hun bestaan doen gelden, ook als ze ver weg zijn. Schilderijen kunnen zo een bijna magische kracht krijgen. (Een kracht die ons ook nog niet helemaal vreemd is. Denk maar aan de portretten van koning Willem Alexander in rijksgebouwen).

Portretten dienden ook vaak om status te laten zien of reclame te maken voor zijn professie. Bij dat soort portretten zijn de attributen en de kleding vaak belangrijker dan het gezicht. Rijke kleding liet zien dat er met de geportretteerde rekening gehouden moest worden. Zoals bij de portretten van de twee zonen van keizer Ferdinand (en neven van Karel V). Als je goed kijkt, zie je rafels aan hun kostuum. Het was een verwijzing naar de vroegere lansknechten, die op het slagveld van gevallenen de kleding inpikten en deze met een mes op maat sneden. Met het schilderij werd duidelijk gemaakt dat de aartshertogen voorbereid waren op hun taak als heerser.

Met alle boodschappen die in de voorwerpen verborgen zijn, zijn het nu juist de gezichten die het contact leggen met de beschouwer. De ogen die je rechtstreeks aankijken. De gelaatstrekken die je doen denken aan bekenden. En de sensatie dat je de afgebeelde persoon zo op straat tegen zou kunnen komen.

En daarmee is de tentoonstelling juist voor ons een memento mori, ook als dat de oorspronkelijke bedoeling niet was. Want hoe de renaissancemensen zich ook voordeden, uiteindelijk blijken het mensen net als wij, met als enig verschil dat zij er niet meer zijn. Alleen hun beeld is achtergebleven, we zijn ze niet vergeten.

De tentoonstelling is te zien tot en met 16 januari 2021.

Ik hoor graag wat je ervan vindt