Koninklijk borduren

De 200 jaar oude Chinese gordijnen van Huis ten Bosch zijn aan vervanging toe. Samen met de nieuwe gordijnen zijn ze te zien in een mooie tentoonstelling in het Textielmuseum in Tilburg.

Links een sjiek stenen huis waarin een wisselkantoor gevestigd is. Rechts een vervallen lemen huis (de bamboestaken steken door de muur heen) waarin gegokt wordt. Het is een van de vele geborduurde voorstellingen op de Chinese gordijnen uit het Huis ten Bosch, die nu te zien zijn bij de tentoonstelling Koninklijk borduren in het Textielmuseum in Tilburg. En hoewel de gordijnen hun beste tijd gehad hebben, is het nog steeds te zien hoe geraffineerd de voorstellingen zijn, hoe genuanceerd de textuur en de kleurschakeringen. Er zijn prachtige voorstellingen op te zien van het dagelijkse leven in China, van vogels, huizen en bruggen, van boeren, vissers en handwerkers.

Detail van de Chinese gordijnen met wisselkantoor en gokhuis.

De zijden stof voor de gordijnen maakte deel uit van een omvangrijke gift in 1790 aan stadhouder Willem V en zijn vrouw Wilhelmina van Pruisen, die in Duitsland al een voorliefde voor Chinese inrichting had verworven. De schenker was een voormalige VOC-directeur, Ulrich Gualtherius Hemmingson. Naast de stof schonk hij ook lakwerk en een 1454-delig servies. Hemmingson was rijk geworden in het Chinese Kanton. Niet doordat de VOC hem zoveel betaalde, maar doordat hij legaal en illegaal op eigen rekening kon handelen.

De Chinese gordijnen in Huis ten Bosch. Foto: René Gerritsen.

Tegenwoordig zouden we zo’n gift waarschijnlijk als corruptie beschouwen. 200 jaar geleden was het een stuk normaler. Veel zal het niet opgeleverd hebben. Zowel de VOC als de Republiek, met de stadhouder als belangrijkste vertegenwoordiger, stonden op instorten.

Onder de Fransen werd Huis ten Bosch voor een belangrijk deel leeggehaald, maar de Chinese kamer bleef bewaard. En de gordijnen bleven hangen, ook toen de Oranjes, nu als koningen, terugkwamen. De gordijnen zijn nu zo versleten, dat ze nog één keer tentoongesteld kunnen worden om daarna geconserveerd te worden.

Er moet natuurlijk iets nieuws voor de ramen komen. En ook daarbij speelt het Textielmuseum een rol. Geïnspireerd op de Chinese gordijnen heeft beeldend kunstenaar Liesbeth Stinissen nieuwe gordijnen ontworpen. Borduurexpert Frank de Wind van het TextielLab (onderdeel van het Textielmuseum) heeft gezorgd voor de uitvoering door de automatische borduurmachines in het museum. Vervolgens hebben 150 borduurgroepen in het land kleine details gemaakt, die op de gordijnen gestikt zijn, waardoor een driedimensionaal geheel ontstaat. Ook de nieuwe gordijnen zijn in de tentoonstelling te zien, voordat ze in het paleis opgehangen worden.

De nieuwe gordijnen voor Huis ten Bosch. Foto: Josefina Ejkenaar.

De nieuwe gordijnen verbeelden Nederland, met zijn paleizen, musea, bruggen, vuurtorens en vele andere gebouwen. Mooi, maar toch een gemiste kans. Want waar de Chinese gordijnen het dagelijks leven verbeelden, is dat op de nieuwe gordijnen grotendeels afwezig (op een enkel detail, zoals de jongen en het meisje bij een buitenboekenkastje, na).

Detail van de nieuwe gordijnen. Een jongen en een meisje leven buiten een boek bij een boekenkastje.

Ik had zo graag postbodes, politieagenten, leraren, koks et cetera gezien. Zij zouden over 200 jaar, als deze gordijnen waarschijnlijk ook weer aan vervanging toe zijn, een heel mooi tijdsbeeld gegeven hebben van de vroege 21ste eeuw.

Het is een klein minpuntje van een mooie tentoonstelling, waar het verhaal rond de oude en de nieuwe gordijnen op een boeiende en beeldende manier verteld wordt. Vorig jaar was ik al verrast door een interessante tentoonstelling over kleurstoffen. Ik ben het Textielmuseum een van de leukste musea van Nederland gaan vinden. En dat is bijzonder, want met kleding heb ik maar weinig.


De tentoonstelling ‘Koninklijk borduren – verhalen en vakmanschap’ is nog tot 29 mei 2023 te zien in het Textielmuseum in Tilburg. Je moet vooraf via de website een tijdslot boeken.

3 gedachten aan “Koninklijk borduren”

    1. Interessante vraag waar de tentoonstelling geen antwoord op geeft. Volgens mij is het Rijk formeel opdrachtgever, maar ik kan me moeilijk voorstellen dat het Koninklijk Huis zich afzijdig heeft gehouden.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *